It's Info time

02-05-2019 - 00:00

 

Deel 1: Aankoop videocamera

Wanneer je een goede filmcamera gebruikt, zorg je ervoor dat je al je onvergetelijke momenten later in de beste kwaliteit kunt terugkijken. Het is dus zeker de moeite waard om je goed in te lezen in alle mogelijkheden, zodat je een keuze kunt maken die het beste bij jouw wensen past. Een videocamera kopen kan behoorlijk lastig zijn als je niet weet waar je op moet letten. Daarom geven we in dit artikel een aantal handige tips.

Je kunt videocamera’s grofweg indelen in twee groepen: de kleine en compacte camcorders en de professionele videocamera’s. Deze laatste zijn qua formaat vaak aanzienlijk groter en bieden veel mogelijkheden om handmatig de instellingen te bepalen. Zo kun je bijvoorbeeld met meer beelden per seconde filmen, voor mooie slow motion-effecten. Ook hebben de camera’s vaak interne filters, die felle lichtomstandigheden afzwakken. Bij veel van deze camera’s kun je ook de objectieven vervangen, zodat je voor iedere situatie de beste lens kunt gebruiken.

De mini videocamera is populair bij reizigers en hobbyisten. De objectieven zijn vaak ingebouwd en de camera’s onderscheiden zich dan ook qua zoommogelijkheden en prestaties bij weinig licht. De compact video camera beschikt over allerlei automatische mogelijkheden en is vanwege het formaat makkelijk mee te nemen in een handtas of rugzak. Denk vooraf goed na waarvoor je de camera uiteindelijk gaat gebruiken. Als je veel actie of watersituaties wilt vastleggen op video, kun je bijvoorbeeld beter een actioncam dan een pocket camcorder kopen. 

Daarnaast zijn er nog meer videocamera’s met een specifieke toepassing. Zo zijn er camera’s om ’s nachts wildlife te filmen, beveiligingscamera’s, dashcams en 360-graden videocamera’s.
Als je naast video’s ook nog mooiere foto’s wilt gaan maken, dan kun je overwegen om een foto film camera te kopen. Met een systeem- of spiegelreflexcamera kun je namelijk vanwege de grote sensor en de goede lenzen een bijzonder effect van scherptediepte creëren. Dat geeft je video’s een filmisch effect! Als je gaat filmen met een fotocamera, dan zul je op zoek moeten gaan naar een goede vorm van stabilisatie voor je apparatuur. Een zware spiegelreflexcamera kun je namelijk erg lastig stabiel houden, zeker wanneer je langere tijd moet filmen.

Met alleen een camera kopen ben je er nog niet. Vergeet niet dat er nog flink wat geld kan opgaan aan film- en schouderstatieven, elektronische stabilizers, geheugenkaarten, montagesoftware en de opslag van je archief.

 

Deel 2: De belangrijkste camerafuncties

Focus
Door de focus in te stellen bepaal je wat er scherp in beeld moet komen. Dus jij bepaalt dat en niet de camera. Door een persoon of
object scherpen goed in beeld te brengen krijgt het de aandacht. Door de hedendaagse techniek werkt automatisch scherpstellen
(autofocus) vaak goed. Staan er echter meerdere personen of objecten naast en achter elkaar, dan "weet de camera vaak niet waar
op moet worden scherp gesteld en zie je vaak dat de autofocus gaat "zoeken"

Ook is de autofocus gevoelig voor bewegingen en in situaties met weinig contrast of weinig licht  heeft een autofocus het vaak
moeilijk. Een professionele filmcamera heeft geen automatische scherpstelling.

Scherpstellen
Scherpstellen kan op twee manieren; automatisch en handmatig. Handmatig scherpstellen bij een consumenten videocamera doe je
als volgt: Zoom in op een onderwerp stel scherp, d.m.v. je focusring op het objectief en zoom weer uit.

Zoom
Met de zoomfunctie kan je in- en uitzoomen. Bij inzoomen wordt de opnamehoek verkleint en bij uitzoomen juist vergroot. Als je uit de
hand filmt moet je rekening houden met trillingen zeker als je in of uitzoomt. Kleine trillingen in het beeld kunnen door sommige
camera's of lenzen gecorrigeerd worden. Hiervoor moet je de functie Steady Shot of Stabilizer inschakelen.

Diafragma
De hoeveelheid licht die door de lens in de camera valt wordt bepaald door de grootte van de lensopening. Je kunt het vergelijken
met de iris van het oog.Hoe groter de opening, hoe meer licht er op de CCD valt.  De grootte van de lensopening is te veranderen
door het diafragma aan te passen.

Sluitertijd
De sluitertijd of Shutter Speed bepaalt hoe lang er licht op de sensor mag komen en de hoeveelheid licht wordt door het
diafragma gereguleerd.

Witbalans
Een camera interpreteert kleuren anders dan ons oog. Iemand met een witoverhemd, maakt het niet uit of deze persoon
binnen of buiten is en onder welke lichtomstandigheden. Je brein zorgt ervoor dat je het overhemd als wit blijft zien.
Zoals je weet heeft een camera geen brein (wel een automatische witbalans) dus moet het stellen zonder deze automatisch
correctiemogelijkheid. Dat kan betekenen dat als je buiten het  witte overhemd filmt er op beeld blauw uit komt te zien,
film je het witte overhemd binnen dan kan het wezen dat de overhemd een oranje of rode zweem krijgt.

De oorzaak hiervan is dat elk licht zijn eigen kleurtemperatuur heeft. De kleurtempratuur wordt uitgedrukt in Kelvin (K) een
eenheid van temperatuur in graden. Om dit te voorkomen moet de witbalans van de camera worden ingesteld.
De enige manier om er zeker van te zijn dat de kleuren zoals je ze waarneemt ook op die manier worden opgenomen is
oor de witbalans handmatig in te stellen.

Het zogenaamde "witten" Je gaat de camera laten zien wat wit is in een bepaaldelichtomstandigheid.
Vrijwel alle camera beschikken over een automatische witbalans voor binnen en buiten.Het nadeel ervan is als de
lichtsituatie verandert en er is sprake is van menglicht dan kan het wezen dat je problemen
krijgt met de juiste kleurbalans.
 

Deel 3: o.a. Camerakaders en uitsnedes

Camerabewegingen
Tijdens het filmen komt het vaak voor dat je de camera moet bewegen om het voorwerp volledig in beeld te brengen of een persoon te volgen.

Functies:

  • Het volgen van bewegende onderwerpen in beeld
  • Het geven van overzicht van een situatie of locatie
  • Re-framing; correctie van beeldcompositie
  • Aandacht van de kijker op iets laten richten
  • Verbanden leggen tussen personen en/of objecten
  • Dynamiek en spanning in shot brengen
  • Op muziek een bijpassende camerabeweging maken


Type bewegingen

  • Pan (panorama)
  • Tilt up of down
  • Lift up of down
  • Tracking shot of rijder
  • Zip (pan/tilt/lift)
  • Zoom
  • Vertigo of dolly zoom

 

Camerastandpunten
Door van bovenaf, van onderaf of recht van voren te filmen krijg je verschillende effecten. Dit noem je camerastandpunten die je om verschillende redenen gebruikt.

Je heb verschillende standpunten t.w.

  • Vogelperspectief
  • Kikkerperspectief
  • Topshot
  • Dutch Angle
  • Point of View (POV)

 

Camerakaders en uitsnedes
Filmische en fotografische beelden zijn begrensd door het kader. De kaderrand snijdt boven, onder, links en rechts een deel uit de werkelijkheid weg en benadrukt een fragment. In tegenstelling tot de cameraman, is de kijker zich daar minder van bewust, maar heeft de uitsnede op een 'onbewust' niveau een effect.

DETAIL : is een zeer close shot van bijvoorbeeld een oog of mond.
ECU: extreem close up is van het midden van het voorhoofd tot net boven de kin.
CU: close up is net boven het hoofd tot halverwege de hals.
MCU: medium close up is net boven het hoofd tot en met een randje van de schouder, dus we zien nog net de sleutelbeenderen.
N MED: nauw medium is tot halverwege de borst, dus net op de tepels.
MED: medium is tot net onder het middel, dus op de navel.
R MED: ruim medium is met de heupen erbij en vaak ook de ruimte om de handen te zien tijdens een handeling.
TVU: ten voeten uit is de hele persoon in beeld.
R TVU: ruim ten voeten uit is de hele persoon en vaak een gedeelte van de ruimte waar hij/zij zich bevindt.
TOT: Totaal shot is de persoon en zijn omgeving.
GR TOT: Groot Totaal is veel omgeving, de persoon zien we ver weg.

Compositie en kaders
De plaatsing van de objecten binnen een kader noemen we compositie. Het plaatsten van een kader noemen we kadrering. Componeren betekent letterlijk rangschikken.

De compositieleer is een hulpmiddel om inhoudelijk sterke beelden te maken. Als beginnend professional is het nuttig om gebruik te maken van een aantal regels. Later met meer ervaring kun je deze regels vergeten, als ze eenmaal bekend zijn, pas je ze onbewust toe.Compositie is dus simpel gezegd het correct plaatsen van verschillende elementen in het beeld. In een goede compositie worden de verschillende elementen zo geplaatst dat ze een geheel vormen.
 

Deel 4: o.a. Geluidinstelling-microfoons en licht

Geluidinstelling
Controleer ook het geluidsvolume voor de opname, wordt het vervormd opgenomen dan kan het niet meer gecorrigeerd worden in de nabewerking. Om goed te kunnen beoordelen of het geluid oké is en geen ongewenste achtergrondgeluiden hoort, dan kan je niet alleen afgaan op de volumemeters op de camera. Ze bieden wel informatie over het volume, maar niet over de kwaliteit, dus maak gebruik van een goede koptelefoon. Heb je geen koptelefoon gebruik dan oortjes of een headset.

Microfoons (verschillen in richtgevoeligheid):
Rondom gevoelig, nemen evenveel geluid op van links als van rechts als boven/beneden, voor/achter.

Richtingsgevoelig (Nier of Cardioïde), Neemt meer geluid op dat van voor de microfoon komt. Veel minder van achter. 

Hyperrichtgevoelig (hypercarioïde), Vrij gericht opnemen van geluid zonder al te veel last te hebben van bijgeluiden/omgevingsgeluid. En je kunt met zo’n richtmicrofoon op een grotere afstand nog geluid opnemen.

Licht
Als er geen licht is, is er geen beeld dus licht heb je nodig om iets te zien.
Belichten is niet alleen nodig om beeldvorming technisch mogelijk te maken,
het dient ook om de sfeer te bepalen en een programma kleur te geven. 

Driepuntsverlichting
Een persoon die door een enkele lamp frontaal belicht wordt, vertoont maar weinig diepte en het beeld zal een afgeplatte indruk maken. Dit is te vergelijken met het flitslicht van een fototoestel. Door de toepassing van drie verschillende lichtbronnen wordt een beter dieptezicht bekomen. Deze belichtingsopstelling heet de driepuntsbelichting.

Hoofdlicht of Key (hard)
Het belangrijkste en sterkste licht. Dat moet je dus altijd als eerste opzetten. Meestal is dit hard licht, zoals de zon, schuin van boven. De hoogte van de key is meestal 45 graden t.o.v. de camera.

Invullicht of Fill (diffuus)
Fill is bedoeld om de slagschaduwen van het hoofdlicht te verzachten, in te vullen. Het is meestal zacht, diffuus licht dat ook van voren komt, van de andere kant dan het hoofdlicht.

Tegenlicht of Backlight
Is het licht achter de persoon of het onderwerp. Het zorgt er voor dat je onderwerp los komt van de achtergrond en geeft meer diepte aan het plaatje. Het zorgt uiteindelijk voor een nog meer verzorgder plaatje.